writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Pruisisch Blauw (42)

door koyaanisqatsi

'Ik weet niet of ik u dat wel moet of mag vertellen,' zei de nachtwachter na een lange stilte.' Hij zuchtte opnieuw, trok aan het puntje van zijn neus en vervolgde: 'Het is al wel erg lang geleden, dus mogelijk zal er hier en daar wel een onnauwkeurigheid in mijn verslag sluipen…
Er was deze journaliste, een opdringerige vrouw die aan niemand haar naam kwijt wilde maar wel iedereen de pieren uit de neus vroeg. Ze dook overal op, op alle mogelijke tijdstippen van de dag, maar meestal op momenten dat er nieuws te rapen viel -het leek wel of ze het rook als er ergens wat aan de hand was. Niet zelden bracht ze met haar manier van vragen stellen mensen die iets hadden veroorzaakt of het slachtoffer van een gebeurtenis waren geworden in diepe verlegenheid. Het spreekt dan ook vanzelf dat ze op weinig sympathie kon rekenen, ook al prezen sommigen haar gedrevenheid en waren anderen jaloers op haar moed.
Die moed sloeg echter over in overmoed toen ze het in haar hoofd haalde het verschijnsel van de dwaallichten aan een kritisch onderzoek te onderwerpen. Niet zonder de nodige, venijnige spot schreeuwde ze van de daken het bestaan van de dwaallichten in twijfel te trekken. Volgens haar steunde het op niets anders dan achterlijk bijgeloof of door inspiratieloze fantasten rondgebazuinde prietpraat. Zij, en niemand anders, zou deze zwendel ontmaskeren door het bos uit te kammen en de moerassen te doorwaden tot ze voldoende bewijsmateriaal voor haar gelijk had verzameld.
Sommige mensen probeerden haar op andere gedachten te brengen, de nachtwachters en de schapenhoeders voorop, maar aangezien ze precies deze laatste twee groepen ervan verdacht de dwaallichten te hebben uitgevonden, lachte ze hun waarschuwingen weg.
Met veel trammelant, eigen aan haar buitenmaatse ego, trok ze op een avond, gewapend met een machete en het nodige materiaal om vaststellingen te doen, het bos in. Vier volle weken bleef ze weg, of beter, hoorde men niets van haar. De vrees groeide dan ook dat ze in één van de omcirkelde zones was verzeild geraakt en voorgoed verloren was. Tot ze dus precies vier weken na haar vertrek, bij zonsopgang uit de moerassen tevoorschijn kwam. Maar hoe! Ruw kaalgeschoren, met hier en daar een snijwond en nog donzige plukken haar op het hoofd, haar sterk vermagerde lichaam grotendeels bedekt met gestolde paraffine, en haar voeten omzwachteld met in natte klei gedrenkte lappen, waardoor ze liep alsof ze klompvoeten had. Ze staarde verdwaasd voor zich uit en maakte vreemde bewegingen met haar handen alsof ze gebarentaal sprak met een onzichtbare gesprekspartner.
De eerste die haar zag was de schapenhoeder van dienst, een jonge knaap met weinig ervaring. Ontzet door haar toestand probeerde hij haar tot staan te brengen maar ze duwde hem weg, prevelde enkele onverstaanbare woorden en liep verder, in de richting van de heuvelkam. Aan de voet van de eerste heuvel begon ze echter te strompelen en even later stortte ze in. In het ziekenhuis stelde men geen opmerkelijke lichamelijke letsels vast maar geestelijk was ze er des te erger aan toe. Ze zat uren aan een stuk uit het raam te staren, maakte zo nu en dan grommende geluiden, bevuilde zichzelf om de haverklap en schreeuwde obscene taal uit tegen het verplegende personeel dat haar kwam verschonen. Een leger van dokters heeft zich over haar mentale toestand gebogen maar ze spotte met hun vragen, sprak in raadsels, spuugde hen in het gezicht en werd alsmaar agressiever.
"Rijp voor de dwangbuis," luidde na verloop van tijd het verdict, maar zo ver zou het nooit komen, want op zekere dag trof men haar bed leeg en sindsdien is ze spoorloos verdwenen.'
De nachtwachter veegde met een hand langs zijn voorhoofd, slaakte een zucht, haalde de schouders op en besloot: 'Dus, beste schapenhoeder, zeg niet dat u niet gewaarschuwd was.'

 

feedback van andere lezers

  • jack
    Blijft spannend. Nu MOET ik de volgende ook alweer gaan lezen ... ! :-p
    koyaanisqatsi: Arm lezertje... ;-)
  • tessy
    Oei straffe kost, ja goeie raad is duur men moet het verschil merken tussen echt goede raad en bemoeizucht of vooroordelen. dacht ik zo maar ineens :-)
    koyaanisqatsi: je kan natuurlijk altijd eens proberen bij 'het betere reisbureau'... misschien organiseren die wel tripjes in die moerassen...
  • Dora
    Oef, hoe kom je aan de karakters, zou ik haast vragen... het is weer helder beschreven, die parafine ook, oei, ik zou het lef niet meer hebben, gewaarschuwd als ik was...
    koyaanisqatsi: En toch, je hebt altijd van die mensen die niet naar goeie raad willen luisteren...
  • Wee
    Twijfel NIMMER aan het bestaan van dwaallichten!
    (Het schemert hier al wat ...)
    x
    koyaanisqatsi: Van kindsbeen af al gefascineerd door dwaallichten! Niks aan te doen.
Er zijn 2 bezoekers online, waarvan 0 leden: .