writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

ONDER SATRAPEN (1)

door koyaanisqatsi

Niet voor discussie vatbaar, tot geen enkel compromis bereid, geen meedogenlozer begrippen dan Tijd en Dood.

HOOFDSTUK 1 (Waarin Bugsy Waldorf aankomt -maar niet op de bestemming die hij had verwacht)

'Wakker worden, meneer, we zijn er.'
Bugsy Waldorf schoot wakker uit zijn ondiepe slaap, schudde even met het hoofd en mompelde: 'Zijn we in dan Pokkendorp?'
'Helemaal niet, meneer,' repliceerde de treinconducteur, 'We zijn in Vlerkenstad; verder gaat de trein niet, dit is het eindstation. Pokkendorp is nog een eind verder, om dat te bereiken zal u beroep moeten doen op een ingehuurd rijtuig, maar lijkt het me erg twijfelachtig om op dit late uur nog iemand te vinden om u tot daar te brengen.'
Bugsy Waldorf keek even door het raam; de avondschemering was nog niet ingetreden al maakte de zon wel stilaan aanstalten om achter de bergen, die als een woest decor de horizon verdrongen, te verdwijnen.
'Zo laat is het toch nog niet,' merkte hij op.
'Niet echt,' grijnsde de conducteur, 'maar zoals ik al zei: Pokkendorp is nog een eind verder, de weg er heen is bar slecht en bovendien doen geruchten de ronde dat er tijdens het nachtelijke duister regelmatig roversbenden vanuit de bossen opduiken. Van dat laatste is wel geen enkel bewijs, maar hoe dan ook, vanaf dit tijdstip geraakt niemand nog voor het donker terug in Vlerkenstad.'
Bugsy Waldorf moest even nadenken. Zijn reisbudget was ontoereikend om op te draaien voor overnachtingskosten; iemand inhuren om hem naar Pokkendorp te voeren en daar te onder te brengen in een hotelletje of een herberg was dan ook uitgesloten, en tegelijkertijd zag het er ook naar uit dat hij uit eigen zak een nachtje in Vlekkendorp zou moeten betalen. (Later die avond zou hij het in zijn dagboek over twee ellendige opties hebben.)
Hij stond recht, trok zijn koffer uit het bagagerek -waarbij hij hulp kreeg van de conducteur- en zei met een zachte zucht: 'Ik ga het toch nog even proberen.'
De conducteur haalde zijn schouders hoop en antwoordde: 'Dan kan u altijd natuurlijk. Misschien vindt u wel een gek die bereid is u alsnog naar Pokkendorp te voeren.'
De opmerking deed Bugsy Waldorf glimlachen, wat eerder zeldzaam was aangezien hij doorging voor zeer ernstige jongeman.
De perrons van het station waren verlaten. EÚn trein maakte nog enkele sissende geluiden, voor de rest was er alleen maar stilte. Passagiers en spoorwegpersoneel waren nergens te bespeuren.
'Waar is iedereen naar toe?' vroeg Bugsy Waldorfs. Nadat hij was uitgestapt had hij zijn koffer neergezet om enkele stofjes van zijn jas te slaan.
'U bent gearriveerd met de laatste trein van de dag,' antwoordde de conducteur. 'Tot morgenvroeg half zeven blijft het hier zo goed als uitgestorven.'
De lucht was aangenaam koel, precies zoals in de bergen waar Bugsy Waldorf zijn eerdere opdracht had uitgevoerd. Hij herinnerde zich de ochtendkilte, die balanceerde op het randje van koud, en een verkwikkend effect had op de slaperigheid die hem thuis gemakkelijk het grootste deel van de voormiddag parten speelde.
'Het weer lijkt me vrij aangenaam,' liet hij zich ontvallen.
'Mmm,' bromde de conducteur, 'een momentopname, meer niet.'
Om het station te verlaten moest Bugsy Waldorf door een gebouw dat zich in maar net achter de buffers van de vier sporen tellende perrons bevond. Het was een oud gebouw, eerder pittoresk dan statisch, met een pannendak met de kleur van wijnbladeren en bruine, bakstenen muren die hier en daar scheuren vertoonden. (Later die avond zou Bugsy Waldorf deze scheuren in zijn dagboek toeschrijven aan het gedreun van de treinen, die pas heel dicht bij het gebouw tot stilstand kwamen.)
Midden in de kleine hal van het gebouw stond een ronde zitbank uit dunne houten latten waarop een jonge, nogal rijk uitgedoste vrouw zat. Ze duwde met haar rechterhand een kinderwagen heen en weer en wisselde een korte blik met hem uit. Bugsy Waldorf tikte beleefdheidshalve tegen de rand van zijn hoed tikte maar de vrouw leek met haar gedachten te ver weg om zijn gebaar te waarderen.
Het gebouw bleek langs de straatkant geen deuren te hebben. Een open boogvormige poort wees de weg naar een niet al te groot rond plein waar een typische vooravonddrukte heerste. Op zijn hoede voor het onverwachte stapte Bugsy Waldorf het gebouw uit. Aan de overkant van het plein bevonden zich drie hotels, die zonder uitzondering een veel te dure indruk wekten.
'Komt u voor het standwild, meneer?'
Een man in een jagerspak dat er eerder lachwekkend dan stijlvol uitzag, trok hem aan de mouw. Zijn puntige sik was zwart als de veren van een raaf, enkele broodkruimels in zijn mondhoeken en snorharen verraadden een aangeboren slordigheid.
'Nee, ik moet naar Pokkendorp,' gromde Bugsy Malone, enigszins ge´rriteerd.
De man tilde zijn kin op en liep zonder nog een woord te zeggen weg. In de verte klonk het getoeter van een claxon, even enerverend als het gekwaak van een agressieve gans. Een man in vuile kleren liep hem voor de voeten. Hij kauwde op iets en hield een kooi in zijn linkerhand waarin een kleine aap nerveus en angstig heen en weer sprong.
Bugsy Waldorf kreeg een politieagent in de gaten die verveeld heen en weer langs de rand van het plein kuierde. Hij stak de straat over en liep op de man toe, die van zodra hij in de gaten kreeg dat hij benaderd werd zijn gezicht in een grimas trok die een kordaat karakter moest voorstellen.
'Een goeieavond, agent,' zei Bugsy Waldorf. De agent knikte. 'Zou u me kunnen zeggen waar ik vervoer naar Pokkendorp kan vinden?'
'Pokkendorp?' herhaalde de agent met gefronste wenkbrauwen. 'Wat gaat u in hemelsnaam in Pokkendorp zoeken?'
Bugsy Waldorf haalde de schouders op.
'Nog geen flauw idee. Ik moet er heen voor het werk.'
'Dan kon bijna niet anders,' zuchtte de agent. 'Want ik ben nog nooit iemand tegengekomen die voor zijn plezier naar Pokkendorp trekt. Nu, hoe dan ook, het is al laat. Het zou me sterk verbazen indien u nu nog iemand zou vinden die bereid is u naar Pokkendorp te voeren. Als ik u was, zocht ik beter meteen een plek om te overnachten. Overdag zullen er genoeg mensen te vinden zijn die u naar dat vergeten gat willen brengen, al was het maar uit nieuwsgierigheid. Om die te bevredigen vindt u gemakkelijk luitjes die u voor een habbekrats tot daar willen brengen. Mijn zwager bijvoorbeeld: een werkloze steenslijper, in het bezit van een eenvoudige maar niettemin comfortabele koets, die nog nooit een voet buiten Vlerkenstad heeft gezet. Ik ben er zeker van dat hij u, in ruil voor de gelegenheid een keertje iets van de wereld te zien, voor een zeer bescheiden bedrag naar Pokkendorp zal brengen.'
'Dan zit ik nog altijd met het probleem van overnachting,' zuchtte Bugsy Waldorf. 'Mijn beurs is erg krap, ik kan me geen luxehotels, zoals die etablissementen daar aan de overkant, veroorloven.'
De agent keek even over zijn schouder en zei: 'Schijn bedriegt. In Hotel Stadtler, bijvoorbeeld, kan je bijna gratis overnachten. En in de Wagner en de Pergola is het niet veel duurder. Vlerkenstad is niet bepaald een trekpleister voor toeristen of mensen op doortocht; er is op het vlak van beschikbare bedden op zijn zachtst gezegd sprake van overcapaciteit.'
'En dus raadt u me Hotel Stadtler aan?'
'Nee, da's het goedkoopste. In uw plaats zou ik naar Hotel Pergola trekken. Het kost misschien een paar cent meer, maar het ontbijt is er tenminste te pruimen, wat niet gezegd kan worden van de Stadtler en de Wagner.'
'In dat geval,' zuchtte Bugsy Waldorf, 'zal ik uw raad opvolgen. Bedankt.'
'Geen dank verschuldigd,' zei de agent terwijl hij met zijn rechter wijs- en middenvinger tegen de rand van zijn pet tikte, 'als politieman sta ik tot uw dienst.'
'Natuurlijk, natuurlijk. En denkt u dat uw zwager me morgenvroeg kan ophalen?'
'Dat kan geen enkel probleem zijn. Hij heeft momenteel toch geen werk. Zegt u maar hoe laat hij u moet oppikken.'
'Hoe lang rijden is het ongeveer, naar Pokkendorp?'
De agent klakte met zijn tong, trok een pijnlijke grimas en antwoordde: 'Hangt er een beetje van AF in welke staat de weg zich bevindt. Het heeft de laatste tijd niet al te veel geregend, dus zou het best nog kunnen meevallen. Maar reken toch maar op een uur, of tweeů'
Bugsy Waldorf dacht even na en zei: 'Half negen?'
'Half negen is prima,' bevestigde de agent, waarop Bugsy Waldorf hem nogmaals bedankte en afscheid nam, om zich naar Hotel Pergola te begeven.

 

feedback van andere lezers

  • ivo
    sterk geschreven, ben direct mee - al is het voor de naam pokkendorp :)
    koyaanisqatsi: bedankt Ivo
  • andremoortgat
    Dit belooft...
    koyaanisqatsi: :-)
  • doolhoofd
    Welkom terug!
    koyaanisqatsi: thanks bro' ;-)
  • Wee
    Je bent er weer!
    Goed begin, ik reis mij mee.
    x
    koyaanisqatsi: Join the club en bedankt. ;-)
  • greta
    Mooi, je pen doet het weer.


    koyaanisqatsi: nee, m'n pc...:-p
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 10

Uitstekend: 5 stem(men), 100%
Goed: 0 stem(men), 0%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 5 stem(men)
Er zijn 4 bezoekers online, waarvan 0 leden: .