writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

DE SUKKELAAR Hoofdstuk 6 De Bruid

door koyaanisqatsi

DE BRUID

Ockwirk had zich opnieuw aan tafel gezet en wachtte ongeduldig op het tijdstip waarop de verpleegster met zijn kleren zou komen aandraven. Sinds hij de brief van Gregorz Lato had gelezen, was er een dreigende atmosfeer in de woning geslopen die steeds verstikkender proporties aannam. Natuurlijk was het slechts z'n verbeelding, maar dat nam niet weg dat zijn indruk dat de muren, de vloer en het plafond steeds dichter naar mekaar toeschoven een beklemmend angstgevoel opwekten waaraan slechts te ontkomen viel door de woning te verlaten.
Uit vrees met een nieuw fantasietje van de verpleegster geconfronteerd te worden, bleef Ocwirk echter op z'n stoel zitten, ook al wilde hij niets liever dan haar tot spoed aanzetten. Allerlei geluiden die wezen op huishoudelijke bedrijvigheid lieten verstaan dat ze nog steeds bezig was in de keuken en hoewel hij hoopte dat ze ondertussen aan de strijk was begonnen, verraadde de aangename maar penetrante geur van vers gesneden groenten het tegendeel.
Een rinkelende telefoon deed hem opschrikken.
'Kan u even opnemen, meneertje?!' riep de verpleegster.
Ocwirk had niet anders verwacht. Z'n ogen waren al nerveus op zoek gegaan naar het toestel, maar dat viel nergens te bespeuren. Vertrouwend op zijn gehoor ontdekte hij de telefoon onder een slordig in een hoek gesmeten stapeltje kranten.
'Hallo?!' snauwde een rauwe mannenstem van zodra hij de hoorn had opgenomen.
'Ja?'
'Doe de deur open, en gauw!'
Met een harde klap werd de verbinding verbroken. Ocwirk herinnerde zich dat er geen bel aan de voordeur zat en ging, zonder de verpleegster te raadplegen, opendoen. Hij had het slot nauwelijks omgedraaid of de deur zwaaide open. Voor hem stond de agent die hem bij de wegcontrole had staande gehouden.
Ik hang! schreeuwde Ocwirk geluidloos. Z'n lichaam werd slap door het ongeloof dat de politie er zo snel in was geslaagd hem te vinden. Zo opeens kwam zijn vluchtpoging zo belachelijk naïef over dat hij het schaamrood op de wangen kreeg en hij met de gedachte begon te spelen de secretaresse als aanstoker van zijn ontsnapping te verraden.
'Jij bent me er ook één,' hijgde de agent terwijl hij met zware stappen naar binnen donderde.
Ocwirk boog het hoofd en kreeg geen woord over de lippen. Zo meteen zou een stel handboeien in z'n polsen snijden en zou hij de absolute waarde van fysieke vrijheid leren kennen, door ze te verliezen.
'Kom mee,' zei de agent. Hij pakte Ocwirk bij de arm en trok hem terug de eetkamer in. Daar lagen Ocwirks kleren, netjes gestreken en de zoete geur van probaat wasmiddel uitademend, op hem te wachten.
'Mag ik?' Ocwirk wees met een lome arm naar het stapeltje.
'Ja, natuurlijk, sukkelaar,' zuchtte de agent vermoeid.
Sukkelaar? dacht Ocwirk; wat een genadevolle benaming voor een vermeende moordenaar.
De agent schoof een stoel opzij en ging met een plof zitten.
'Pfuf...' blies hij een zurige lucht uit. 'Al een geluk dat ik je bij me thuis aantref. Want we hadden je al opgegeven.'
'Opgegeven?' herhaalde Ocwirk terwijl hij in z'n broek stapte.
De agent knikte, wilde iets zeggen, maar slikte zijn woorden in omdat er een brede, grenzeloze verliefdheid uitstralende glimlach op z'n lippen verscheen.
'Esmeralda...'
'Pieter Jan...'
De verpleegster stapte de eetkamer binnen en gooide zich met een zweefsprong in de armen van de agent, waarna het tweetal zich, Ocwirk schaamteloos als een meubelstuk negerend, in een innige omhelzing verloor.
Zo meteen vraagt ze naar de bevestiging van haar perfecte oneffenheden, dacht Ocwirk, zonder enig plezier in z'n zwartgalligheid gewaar te worden.
Maar de verpleegster werd te zeer verteerd door passie. Ze kronkelde als een wurgslang rond de spartelende agent die geen blijf wist met zijn handen, in die zin dat ze overal tegelijk wilden aanzitten. Enigszins gegeneerd wendde Ocwirk het hoofd af om zich, lusteloos door verslagenheid, verder aan te kleden. De plots opkomende gedachte om van de situatie te profiteren door het op een lopen te zetten, maakte hem boos op zichzelf.
Idioot, vloekte hij, heb je het nog niet erg genoeg gemaakt door als een onwetende snotneus naar die secretaresse te luisteren? Welke rechtbank gaat nu nog geloof hechten aan je onschuld, nadat je van de eerste de beste gelegenheid gebruikt hebt gemaakt om er van tussen te knijpen?
'Me... Meneertje...' kreunde de verpleegster tussen twee wilde kusbeurten in; Ocwirk draaide zich om en deed een kleine stap voorwaarts. 'Zou u zo vriendelijk willen zijn de preservatieven uit het nachtkastje te halen?'
'Excuzeer?' zei Ocwirk, ditmaal terugdeinzend.
'U hoorde het toch,' bromde de agent terwijl een haarlok van de verpleegster uit z'n mond blies. 'De preservatieven, uit het nachtkastje, in de slaapkamer...'
'En waar mag die slaapkamer dan wel zijn?' vroeg Ocwirk droog.
De verpleegster liet een arm uitschieten en wees naar de inkomhal. Meer om geen getuige te moeten blijven van de vrijpartij dan uit behulpzaamheid, slofte Ocwirk de eetkamer uit. Hij trok een eerste deur in de inkomhal open, maar die bleek van een bezemhok dat stonk naar de schimmel die zich als een dikke grijze mistlaag op een over een kleerhanger hangende poetsdoek had vastgezet. Met een walging uitdrukkende zucht sloeg Ocwirk de deur weer dicht. Hij stapte naar de volgende deur, die krakend en schurend over de vloer openging en toegang verschafte tot een in een extreme duisternis gehuld vertrek dat een zware lucht van geparfumeerd talkpoeder uitademde.
Ocwirk tastte naar de lichtschakelaar, vond die ook vrijwel meteen, maar dan alleen maar om vast te stellen dat hij niet werkte. Niet van plan om z'n benen te breken, wilde hij rechtsomkeer maken toen een zachte meisjesstem hem vanuit het donker toesprak:
'U komt zeker voor de preservatieven, is het niet?'
'Euh, inderdaad, dat klopt,' antwoordde Ocwirk verrast.
Een nachtlampje flitste aan en strooide een zachte, gelige gloed over de slaapkamer uit. Een meisje in een stralend hemelsblauw bruidskleed zat rechtop in een tweepersoonsbed dat overwoekerd lag met omgewoelde lakens en dekens. Haar bijna zilverkleurige ogen schitterden als hemellichamen in een zwarte hemel en schepten een bizar contrast in de somberheid die de rest van haar gelaat uitstraalde.
'Komt u ze maar halen,' zei het meisje, 'want ondanks het feit dat dit mijn huwelijksnacht is, heb ik ze niet nodig.'
'U... U bent gehuwd, vandaag?' vroeg Ocwirk terwijl hij aarzelend op het meisje toestapte.
Het meisje knikte en hefte haar rechterhand op om haar trouwring te tonen.
'En waar is uw echtgenoot dan, als ik vragen mag?'
Het meisje sloeg haar ogen neer, begon met een wijsvinger kringetjes over het beddegoed te maken en antwoordde: 'Geen flauw idee...'
'Oh...'
Ocwirk wilde zijn spijt betuigen maar vond geen woorden. Hij nam de vrijheid om op de rand van het bed te gaan zitten en probeerde met een schuchter kuchje duidelijk te maken dat hij op de preservatieven wachtte.
'Het interesseert me ook niet!' viel het meisje plots uit. 'Of, nee, toch wel. Het is te zeggen: ik moet ook niet weten waar hij het uithangt. Hij is immers een naarling!'
Een naarling? Ocwirk kon zich niet herinneren wanneer hij dat woord voor het laatst had gehoord. Het minste wat je er van kon zeggen was dat het al lang uit de mode was. Mensen waar men niet van hield werden al geruime tijd met veel scherpere bewoordingen omschreven. Bij wijze van spreken paste het ouderwetse 'naarling' al net zo min bij iemand waar men een hekel aan had, dan 'sukkelaar' bij een, weliswaar vermeende, moordenaar.
'Ja,' zei het meisje, 'een naarling, meneer. Dat is hij. Hij knijpt mij, op vervelende plaatsen, en zegt dan telkens weer dat die handelingen normaal zijn, voor een verliefd paar. Bovendien is hij griezelig. Niet lelijk of onaantrekkelijk, hoor, dat nu ook weer niet, maar gewoon griezelig.'
Ocwirk wilde vragen waarom het meisje dan getrouwd was, maar het besef dat die vraag als een soort verwijt kon overkomen, deed hem er van afzien.
'Ik wil u niet langer lastigvallen,' zie hij, 'dus als ik de preservatieven...'
'We gaan ze natuurlijk niet eerst uitproberen, meneer, u en ik!' onderbrak het meisje. 'Ik ben gehuwd, en deftig! Ook al knijpt mijn echtgenoot mij op vervelende plaatsen. Schandelijke plaatsen zelfs!'
'Oh maar ik...'
Het meisje legde Ocwirk met een handgebaar het zwijgen op, trok haastig het nachtkastje open en haalde een doosje tevoorschijn.
'Zo,' zei ze, terwijl ze het doosje op bed legde. 'Neemt u ze maar mee. Alleen, zou ik u mogen vragen mij eerst even te helpen deze bruidjurk uit te trekken, want die slaapt dus echt wel oncomfortabel...'
Ocwirk wilde niet echt, vond het ongepast een vreemde jonge vrouw te helpen zich uit te kleden, maar was te beleefd om te weigeren. In navolging van het meisje stond hij recht en liep hij op haar toe. Maar net toen hij op het punt stond haar te helpen met het losmaken van de ritssluiting tuimelden de agent en de verpleegster, in een niets aan de verbeelding overlatende verstrengeling, naar binnen, om als één persoon tot tegen de rand van het bed te rollen en daar roerloos te blijven liggen.
'Nu hoeft het ook niet meer, die preservatieven!' gromde de agent. 'Daarvoor is het te laat!'
'Ja!' kreunde de verpleegster luid, 'maar we hadden het moeten weten, Pieter Jan! Een man en een meisje, alleen, tesamen, in een slaapkamer...'
'Akkoord, akkoord, maar wat nu, Esmeralda? Stel dat je bevrucht bent!' zei de agent met een van wanhoop misvormde stem.
'Dan zullen mijn perfecte oneffenheden hun plicht vervullen!' antwoordde de verpleegster vastberaden.
Het meisje barstte in snikken uit.
'Kijk, kijk, meneer,' huilde ze, terwijl ze zich omdraaide en tegen Ocwirk aanvleidde, 'dat noem ik nu een geslaagde relatie. En deze mensen zijn niet eens met mekaar gehuwd...'
Ocwirk sloeg in een onhandige poging het meisje te troosten z'n armen stijf om haar heen.
'Meneertje, meneertje,' siste de verpleegster, 'dat meisje is vandaag dus wel in het huwelijksbootje gestapt!'
'Dat had ik al wel begrepen,' verdedigde Ocwirk zich, 'maar dat neemt niet weg dat ze erg ongelukkig is, en recht heeft op troost.'
'U had ons beter de preservatieven bezorgd!' jammerde de agent. 'Trouwens, wat doet u hier nog? Uw auto staat buiten op u te wachten, met draaiende motor nota bene!'
'Wat zegt u?' vroeg Ocwirk ongelovig, terwijl hij het meisje losliet.
'Ja, natuurlijk, meneer. Waarom denkt u dat ik me anders zo haastte? Ik dacht: we hebben die sukkelaar waarschijnlijk al genoeg op de zenuwen gewerkt, dus laat ik me maar gauw z'n auto terug bezorgen.'
'En het lijk dan?'
'Wat is daarvan?' vroeg de agent geïrriteerd. De verpleegster, die bovenop hem lag, begon blijkbaar door te wegen, want z'n hoofd liep stilaan rood aan.
'Tja,' slikte Ocwirk, 'u zal toch wel vermoeden dat ik daar iets mee te maken heb.'
'Meneer,' grinnikte de agent, 'als u boter op uw hoofd moest hebben, dan zou u mij toch nooit attent gemaakt hebben op die dooie kerel? Of wel soms? Ik heb in alle geval nog nooit van een moordenaar gehoord die de politie eens even gauw, zo langs z'n neus weg, gaat vertellen dat er een lijk in de koffer van z'n auto ligt.'
'Maar... Ik moest me toch melden bij de secretaresse?'
'Jaaaaaa... Natuurlijk! Het was wel uw wagen, waar die gast in gedeponeerd was. Dus dat beetje administratieve rompslomp konden we u echt niet besparen.'
Ocwirk kon het nauwelijks geloven. Z'n geest en lichaam werden vederlicht, het leek alsof z'n door ontij bezoedelde hoofd door een vloedgolf van helder water werd schoongespoeld.
'Ik ben dus, met andere woorden, vrij?' vroeg hij met trillende stem.
'Nooit anders geweest, nooit anders geweest,' antwoordde de agent ernstig.
'In dat geval, lieve mensen,' lachtte Ocwirk, 'wens ik jullie verder nog een prettige dag,' waarop hij zonder om te kijken de slaapkamer en vervolgens de woning uitliep, op weg naar z'n auto.

EINDE

 

feedback van andere lezers

  • Vansion
    verrassend einde - prettig ook - dat woordje 'naarling' vergeet ik niet licht
    koyaanisqatsi: hartelijk dank!
  • annvanbyl
    Grappig verhaal, één en al fantasie ! Af en toe een schrijffoutje (excuseer), toch wel hele lange zinnen, en een verloren gelopen leesteken, maar al bij al leuke wendingen !
    koyaanisqatsi: je hebt gelijk! ben een beetje te haastig geweest...
  • zwartkopje
    Al bij al een leuk verhaal waarin het absurdisme wel de bovenhand heeft maar toch nog verteerbaar genoeg om goed te zijn, hihi!

    Heb er wel van genoten van het hele verhaal!

    Zoals annvanbyl al aangaf, soms wel erg lange zinnen hoor zoals: Allerlei geluiden die wezen op huishoudelijke bedrijvigheid lieten verstaan dat ze nog steeds bezig was in de keuken en hoewel hij hoopte dat ze ondertussen aan de strijk was begonnen, verraadde de aangename maar penetrante geur van vers gesneden groenten het tegendeel.

    gr.

    zwartkopje
    koyaanisqatsi: ik heb er al langere gelezen... en geschreven... maar 't kan inderdaad vermoeiend zijn...
    bedankt!
  • lilKim
    Hehe, wat een dag! Gelukkig maak ik ze zo niet mee.

    koyaanisqatsi: pas maar op, dat kan nog komen..
  • gono
    Heb er van genoten, van de eerste regel tot de laatste...;
    koyaanisqatsi: waarvoor dank!
  • feniks
    Knap verhaal. Het einde is een beetje abrupt. Als lezer verwacht je toch een klein beetje verklaring. Of de verzekering dat het nu allemaal wel in orde zal komen (wie weet wat staat er hem wel te wachten bij z'n auto .... :) )
    koyaanisqatsi: weggesleept wegens fout parkeren??
    ik hou niet zo van "verklaren", dat maakt het mysterie kapot...
  • Wee
    Súper geweldig!
    Ik googel altijd de namen van je (hoofd)personen. Zijn het helden van je?
    Néé, niet alles verklaren; laat ons maar wat dwalen en dromen :)
    xxx
    koyaanisqatsi: Nee dat zijn geen helden. Gewoon luitjes met leuke namen. Mijn helden zijn Ghandi, Mandela, Malcolm X en Mohammed. ;-)
  • doolhoofd
    http://www.smart-kit.com/wp-content/uploads/2010/05/Fotolia_369713_XS-297x300.jpg
    koyaanisqatsi: ;-)
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 12

Uitstekend: 1 stem(men), 100%
Goed: 0 stem(men), 0%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 1 stem(men)
Er zijn 7 bezoekers online, waarvan 0 leden: .