writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Tera 1 Het eerste contact - Hoofdstuk 9/13

door Jelsi

Aan het doel

De volgende morgen is de zon al enige tijd boven de horizon verschenen, als Tjina plots uit haar onrustige slaap, door een luid gerucht, gewekt wordt. Nog half slapend gaat zij rechtop zitten.
'Waar is Neko?'; gaat het door haar gedachten terwijl ze om zich heen kijkt.
Als zij de krijgers bemerkt, die een eindje op enige afstand van de bomen een kamp opgeslagen hebben, schrikt ze.
Kruipend trekt zij zich dieper in de struiken terug en richt zich dan op. Als zij zich echter omdraait en haar weg wil verderzetten, schiet plots een kleverige stof op haar toe. Hierdoor wordt zij achteruit geworpen en botst tegen een boomstam.
Hoe hard zij ook probeert, ze slaagt er niet in om los te komen. Plots verstijft Tjina als de struiken voor uit elkaar gerukt worden. Een groot op een aardse spin lijkend dier komt eruit te voorschijn en stapt traag op zijn prooi af. De grote tanden in de muil komen dreigend naderbij. Opnieuw probeert het meisje los te komen, maar het lukt niet.
Uit alle macht probeert ze dan haar mes te pakken te krijgen, maar op dat moment verschijnen haar achtervolgers. Tjina ziet enkelen triomfantelijk naar haar kijken, waarna zij zich naar het monster wenden.
"Doskom hakak."; roept een van hem uit.
Het monster spuwt opnieuw een lading kleverige stof uit zijn muil op de nieuwe tegenstanders toe. Enkelen worden getroffen, maar de anderen naderen het dier, dat al door enkele speren getroffen is, nu uit verschillende richtingen. Tjina hervat snel haar pogingen om zich te bevrijden en slaagt erin om haar mes te grijpen
Opgelucht stelt zij vast dat het door de kleverige stof snijdt. Langzaam maar zeker kan zij zich bevrijden. Als bijna vrij is, kijkt zij even om zich heen en stelt verschrikt vast dat er enkele krijgers dodelijk gewond op de grond liggen. Van het monster en de andere inboorlingen is niets meer te zien.
'Ik moet hier weg, voor het monster terugkeert.'; gaat het door haar gedachten.
De laatste resten van de kleverige stof, die aan de boom kleven, rukt zij snel los. Dan stapt Tjina zich op de op de grond liggende krijgers en stelt dadelijk vast dat deze hun laatste strijd gestreden hebben. Snel raapt zij enkele wapens op en zet haastig haar weg voort.
Plots, als zij de rand van het moeras, tot op een tiental meters genaderd is, hoort zij een dierlijke kreet achter haar. Verschrikt draait zij zich om., maar er niets te zien.
Intussen staan de inboorlingen, die het gevecht overleefden, voor het pas gedode dier, dat uit verschillende wonden bloed. Een luid gejuich weerklinkt over het moeras. Dan keren de krijgers terug naar de plaats waar Tjina aan de boom vastgekleefd stond. Woedend bemerken zij even later dat hun prooi verdwenen is.
"Asol jhoh, doa."; beveelt een van hen, terwijl hij met zijn speer, naar het oosten wijst.
Dadelijk proberen de krijgers opnieuw haar spoor te vinden. Tjina beseft het gevaar en haast zich verder.
"QURGO, estu manduk ganga."; roept een van de krijgers plots.
Snel springen de anderen op en bemerken het meisje. De hoofdman geeft een teken. Dadelijk grijpen de krijgers hun wapens en zetten de achtervolging in. Tjina rent voor haar leven, zij mag niet in de handen van de inboorlingen vallen.
Maar ze is aan het einde van haar krachten. Hierdoor komen de achtervolgers steeds dichterbij.
Hijgend rent zij een heuvel op, maar struikelt halverwege en rolt enkele meters naar beneden, alvorens zij zich kan tegenhouden. Moeizaam richt zij zich op. De krijgers zijn echter al tot op een vijftigtal meters genaderd.
Wankelend en aan het eind van haar krachten zet ze haar weg voort. Als zij op de top van een heuvel aankomt, kan ze de USA 10 op een honderdtal meter van zich zien staan.
'Oef, ik ben er bijna.'; denkt zij opgelucht.
Intussen aan boord van het Aardse ruimteschip.
"Nita, kijk de peiler heeft een wezen, dat de USA 10 nadert, opgespoord."; zegt Jan.
"Wat ?!!! Wie kan dat zijn?"; vraagt Nita verbaasd.
"Activeer het beeldscherm in, Nita. Misschien zien wij dan iets meer. De onbekende bevindt zich in sector 9B"; zegt Jan.
Nita drukt snel enkele knoppen in en het grote beeldscherm flikkert even en dan verschijnt de eerste beelden.
"H Jan. Het lijkt wel.... Ja, dat moet Tjina zijn. Maar wat ziet zij eruit."; roept Nita verbaasd uit.
"Schakel snel de zwaartekracht lift in, Nita."
"In orde, Jan."
'Wat zou er met de anderen gebeurd zijn?'; denkt Jan.
"Jan, kijk. Ze wordt achtervolgd door inboorlingen."; roept Nita uit.
Tjina heeft intussen haar achtervolgers ook bemerkt en loopt nog sneller op de USA 10 toe.
"Jan, dat haalt ze niet alleen.... We moeten haar helpen."
Ja, maar hoe... Als we onze zware wapens gebruiken, dan raken we Tjina ook."; merkt Jan nadenkend op.
"Kunnen we de narcose kanonnen niet gebruiken, Jan."
"Dat is het, Nita. Snel activeer ze."
Haastig laat Nita zich in de zitplaats voor de wapencomputer vallen en tipt snel enkele commando's. Langs de buitenwand schuiven traag vier kanonnen naar buiten.
"Tjina, pas op. Laat je vallen."; klinkt Nita's stem langs de buitenluidspreker.
Dadelijk reageert Tjina en rolt even later over de grond. Dan vuren de kanonnen. Verschillende inboorlingen vallen, door verdovingsstralen getroffen, als dood neer.
Dadelijk na het salvo staat Tjina op en hervat wankelend haar weg. Maar de andere inboorlingen laten zich niet afschrikken en beginnen Tjina in te halen.
"Ik ga haar helpen, Jan."; zegt Nita.
Voor Jan iets kan zeggen is Nita uit de kleine centrale en verdwijnt in de zwaartekrachtlift. Alvorens naar buiten te gaan, neemt ze twee hand verdovers en twee gasgranaten mee. Dan loopt zij Tjina tegemoet, terwijl zij afwisselend met beide verdovers op de inboorlingen vuurt.
Tjina is intussen gevallen en hoort de inboorlingen snel naderbij komen. Dan hoort ze een kreet en ziet een inboorling zijn speer heffen. Plots verstijft hij echter, zijn speer glipt uit zijn machteloze hand en dan zakt hij langzaam in elkaar, getroffen door een schot van Nita. Deze werpt een wapen op Tjina toe.
"Hier, Tjina. Neem dit wapen en schiet zo snel je kunt, anders komen wij hier niet levend uit."; roept Nita, terwijl ze nog steeds schot na schot op de woedende inboorlingen afvuurt.
Op hetzelfde moment schrikt Nita. Twee inboorlingen werpen zich op Tjina, die er niets van gemerkt heeft, maar plots worden ze door een vreemde kracht achteruit geworpen en komen keihard op de grond terecht. Als ze recht kruipen maken ze zich van angst snel uit de voeten.
Tjina heeft intussen het wapen van Nita opgevangen en kijkt verbaasd naar haar lotgenote. Ze heeft niet gemerkt wat er gebeurt is. Dan hoort ze een gerucht achter zich een draait zich snel om. Een krijger nadert met opgeheven speer. Tjina vuurt dadelijk en zonder een kik te geven zakt de man in elkaar.
Nog meerdere inboorlingen naderen hun. Het Indonesische meisje richt haar wapen op de naderende mannen en vuurt verschillende malen.
Maar de krijgers voelen dat hun prooi binnen hun bereikt is en laten zich niet afschrikken. De eerste krijgers hebben beide meisjes bijna bereikt, als vier van hen plots door een vreemde kracht achteruit geworpen worden.
Verrast blijven de krijgers staan en lijken niet te weten wat zij moeten doen. Tjina grijnst als zij Neko op zich ziet toekomen. Nita kijkt even van Tjina naar dat vreemde diertje. Dan ziet ze de krijgers opnieuw op hen toekomen, maar ze heeft echter nog een troef achter de hand. Langzaam haalt ze een rond voorwerp uit haar riem. Snel trekt zij de veiligheidspin eruit en werpt de granaat op de inboorlingen toe. Dan roept ze:
"Tjina, pas op, hou je adem in."
Dan haast zij zich naar haar uitgeputte vriendin toe en help haar recht.
"Kom, we maken dat we hier wegkomen."
Terwijl Tjina, door Nita ondersteunt, naar de USA 10 toe rent, kijken de inboorlingen verbaasd naar het rokend voorwerp op de grond. Dan vallen de eersten bewusteloos op de grond.
Enkelen maken dat zij wegkomen, maar een twintigtal meter verder vallen zij ook neer. Intussen bereiken Nita en Tjina de USA 10, door een dertigtal inboorlingen op de hielen gezeten.
Nita werpt snel de tweede granaat, die in het midden van de groep achtervolgers, zijn lading naar buiten spuit. Twaalf inboorlingen komen uit de gaswolk gestrompeld, de rest ligt bewusteloos op de grond.
Verbaasd zien deze hun prooi plots omhoog zweven, als Nita en Tjina in de lift, die achter hen dadelijk dichtschuift stappen. Op het laatste moment springt een klein diertje door de steeds nauwer wordende spleet naar binnen en zweeft met beide meisjes omhoog. Intussen vallen de niet bewusteloze inboorlingen op hun knien en werpen hun wapens weg.
"Wesd gjoko linop jangheo floikso feor kloeir eftro oeodfan nawli uviti mopiak. Swikor kio lpode ssikoy."; zegt een van hen.
(Wat zoveel betekent als, wij wilden godinnen doden, velen van ons zijn gestraft, wij waren nog te dom om de waarheid te zien. Wij moeten deze godinnen gunstig stemmen anders zullen grote rampen ons vele treffen.)
Terwijl beide meisjes met de lift op weg zijn naar de centrale van de USA 10, bemerkt Nita het vreemde wezentje op de schouder van haar vriendin.
"H, wie is je vriendje."
"O, dit is Neko. hij heeft me goed geholpen."
Op dat moment stopt de lift. Nita en Tjina gaan snel naar buiten en betreden de centrale.
Tjina laat zich in een van de stoelen vallen, terwijl Nita haar ernstig aankijkt.
"Wat heb jij meegemaakt? Tjina, je bent halfnaakt, helemaal bedekt met modder en dan die kleverige stof."
Moe kijkt het meisje op en zegt:
"Dat kan ik later wel eens uitleggen, maar nu moet ik Jim spreken. Snel Nita. Het is van levensbelang."
Even kijkt Nita Tjina nadenkend aan, niet goed wetend wat te doen. Dan schrikt ze:
"Tjina,... uw schouder, je bent gewond...."
"Ja, een paar dagen geleden werd ik licht door een bijlslag, van een inboorling geraakt. Maar ik voel er niets meer van."; zegt Tjina.
"Pijn of niet, maar die wonde moet verzorgd worden. Kom mee, ik zal dat even oplossen."; zegt Nita bevelend.
"Nee, Nita, breng me naar Jim. Dat gaat voor. De Aarde is in gevaar."; zegt Tjina.
"Wat?!! De Aarde in gevaar, Tjina. Hoe?!!?"; roept Jan.
"Later, Jan, eerst moet ik Jim spreken. Nita, er is haast bij..."; zegt Tjina.
"Jim is weg, Tjina. Hij is op zoek naar jou, Syla en Paul, maar tot nu toe hebben wij nog niets van hem en de twee anderen gehoord."; zegt Nita.
"Wat nu ?"; fluistert Tjina.
"Vertel me eerst eens wat er gebeurt is."
Tjina vertelt in het kort het gebeurde.
"Jan, wil jij, met de hyperradio, de Aarde van de komende aanval van de Kordianen op de hoogte brengen. Ik zal mij om Tjina bekommeren."; merkt Nita op.
"In orde."; zegt deze en zet zich aan het werk.
"Kom je mee, Neko."; vraagt Tjina.
'Nee, ik blijf hier. Het lijkt me dat ik hier veel kan beleven.'; antwoordt Neko telepathisch.
"In orde. Tot straks dan maar."; lacht Tjina.
Als beide meisjes door de gang stappen, zegt Nita verbaasd :
"Wat een vreemd gesprek was dat, daareven."
"Vreemd ?!! O, ja.... Nita, Neko is een telepaat, transvormer en telekineet."; zegt Tjina.
"Amaai, waar heb je hem gevonden?"
"Dat vertel ik je later wel eens."
"Okee, laten we ons haasten. We moeten eerst die kleverige stof van je lichaam krijgen."
"Je hebt gelijk. Mijn huid doet meer en meer pijn"; stemt Tjina in en strompelt achter Nita aan.
Deze kijkt echter verbaasd om, als ze merkt dat Tjina haar niet kan volgen.
"Tjina, wat...."; zegt ze vragend, maar merkt dan dat haar vriendin wankelt.
Snel grijpt ze haar vast en ondersteunt haar. De Indonesische kijkt haar aan en lacht even.
"Mijn zij.... De wonde.. Het doet pijn terwijl ik stap."; fluistert Tjina.
"Wat je bent ook aan je zij gewond..."; schrikt Nita.
"Ja, een messteek."; grijnst Tjina mat.
"Kom, ik zal je helpen.
Al snel bereiken ze beiden de stortbaden en Nita duwt haar vriendin er dadelijk onder. Door deze straal wordt alle kleverige stoffen van haar huid verwijdert. Dadelijk voelt haar beter, alsof de pijn weg gestraald wordt.
Als zij even paar minuten later het bad verlaat, staat Nita haar op te wachten.
"Zo, dat is klaar. Je ziet er nu al veel beter uit. Nu nog een lekker stortbad om die modder te verwijderen.", merkt Nita op, waarna Tjina haar volgt naar de kamers van de bemanningsleden.
Aan deze kamers grenzen de stortbaden
Pratend opent Nita de deur voor haar vriendin.
"Je ziet er sexy uit in die kapotte lendendoek. Hoe is dat gekomen?"; vraagt Nita lachend.
"O, Nita, ik werd door inboorlingen door een moeras achtervolgd, maar zij slaagden er niet in om mij te grijpen."
"Haha, dat is de reden, waarom die wilden zo woedend waren."; grijnst Nita, terwijl zij met Tjina een kamer binnengaat.
Hier gaat de Indonesische dadelijk op de rand van het bed neerzitten. Maar Nita heeft het gemerkt.
"Ik denk dat je beter een paar dagen in de cilinder kunt plaatsnemen. Nadien zijn je wonden bijna helemaal genezen."
"Nee, Nita. Ik kan niet. Eerst moet ik Jim en de anderen. Een paar uur slaap zullen wel volstaan, denk ik."; zegt Tjina.
"Neem dan eerst een bad, meid. Nadien zullen wel een nieuw verband leggen."
"In orde. Nita, wil jij intussen een laserwapen, een atoomrifle en een afstandsbediening halen."
"Goed, Tjina. ik zie je straks wel."
Terwijl Tjina zich achterover op het bed laat neervallen, verlaat Nita de kamer.
Maar voor zij de deur achter zich sluit, kijkt ze snel nog even naar Tjina en merkt op:
"Meisje, je kunt beter uitrusten na een lekker bad."
Dan trekt zij de deur dicht.
'Nita heeft gelijk, maar van rust zal wel niet veel komen. Ik moet terug.'; denkt Tjina, terwijl ze rechtstaat en haar lendendoek uittrekt.
Dan stapt zij naar het stortbad en drukt enkele knoppen van het muurpaneel in. Even tast zij met haar hand naar het water dat uit de muur spuit en gaat tevreden onder het water staan. Ze voelt het dampend water op haar huid tintellen, maar krimpt even in elkaar als het water de wonde aan haar zij raakt.
'Oei, dat prikt.'; denkt ze, maar pakt toch de zeep uit het opbergbakje.
Op hetzelfde moment in de centrale.
'Oef, van die zijn we af.'; denkt Jan als hij de inboorlingen in het bos ziet verdwijnen.
Verschillende inboorlingen worden door hun makkers gedragen, omdat zij nog steeds verdooft zijn.
Intussen herhaalt de hyperzender nog steeds het bericht. Jan wendt zich tot Neko:
"En jij kleine vriend, kom eens bij mij zitten."
'Waarom, aardmens ?'; hoort Jan plots een stem in zijn hoofd.
Verbaasd kijkt hij het diertje aan. Maar voor hij iets kan zeggen, hoort hij de hyperradio kraken. Snel loopt hij naar het toestel en drukt enkele knoppen in.
"......er USA 7 aan UA 1. Bericht niet begrepen. Herhal... ing gew.... ens s s ..... krrrrrrrrrr.....rrrrr"
Snel schakelt hij de geluidssterkte van de luidsprekers minder, om de bromtoon te dempen. Dan verhoogt hij het uitgangssignaal van de hyperradio en probeert contact te krijgen met de onbekende afzender.
Op dat moment springt Neko van de tafel en huppelt de deur uit. Jan kijkt hem verbaasd na en trekt dan zijn schouders op. Dan neemt hij de microfoon vast en zegt :
"Hier USA 10 aan onbekende. Wij bevinden ons op de vierde planeet van een stelsel met twaalf planeten. Wij zijn afkomstig van een planeet, die door mijn volk aarde genoemd word."
"Hallo UA 1. Dit is Ron Carter Ka..in van de US..7. U zegt van de aarde afko..tig te zijn. Indien dat waa...s, d.n moet u na ons van onz.. moederplaneet vertrokken zijn.. De USA 7 is het eerst.. .chip dat het zonn.st.lsel verliet."; is het antwoord van de vreemde afzender.
"Dit is niet de UA 1, maar de USA 10, afkomstig van de aarde of de derde planeet van de ster Sol. Wij ontvangen u zeer sle...."; zegt Jan, maar wordt door de onbekende onderbroken.
"Wij peild.n ....lokatie ...asten onze koe.s aan, Met de bedoeli..... u zo snel mogelijk te berei.. Krr... krr.. rrr.r."; ontvangt Jan nog alvorens hij het contact verliest.
'Aii, nu ben ik hem kwijt. Wie is Ron Carter ? Uit dat bericht kan ik afleiden dat zij van de aarde komen. Maar de USA 7, zou dat. Ja, dat kan wel de USA 7 zijn die enige jaren voor ons vertrok.'; denkt Jan en loopt snel naar de hoofdcomputer.
Neko, die met een wortel in zijn pootje terug naar binnen gehuppeld is, kijkt hem met een nieuwsgierige blik na. Jan heeft het echter bemerkt en kijkt even naar hem en zegt lachend :
"Ha, daar ben je schavuit, ik zie dat je al iets te eten gevonden hebt."
Dan vraagt Jan gegevens over de USA 7, die even later op het centrale scherm verschijnen :
Intussen komt Nita, met de gevraagde uitrusting, terug in Tjina's kamer. Deze schakelt juist het water uit.
"Gaat het."; vraagt Nita, terwijl zij de wapens en de rest van Tjina's uitrusting op de kleine tafel neerlegt.
"Ja, ik voel nu al veel minder pijn aan mijn zijde en mijn schouderwonde."; antwoordt deze, terwijl zij in de droogkamer stapt.
Het meisje drukt enkele knoppen aan de linker wand in en voelt even later een opkwikkende warmte langs haar huid tintelen. Nita verlaat intussen de kamer en haast zich naar de ziekenboeg.
Als zij enkele minuten later in Tjina's kamer terugkeert, staat deze nog steeds in de droogkamer. Even kijkt het meisje toe, maar dan opent zij de glazen deur en zegt :
"Kom, ga hier op het bed zitten. Ik zal beide wonden toch maar opnieuw verbinden."
Tjina draait zich om, verlaat de kamer en neemt plaats op het bed met de gewonde schouder naar Nita gekeerd.
"Draait je om. Het lijkt me beter om eerst je zijde te verbinden"
Tjina doet wat Nita vraagt. Deze laatste neemt het verband en zet zich aan het werk. Even later.
"Nu je schouder, meisje."; zegt ze.
Iets later
"Zo, dat is weer in orde. Ga nu maar een paar uur rusten."
"Nee, Nita, ik moet Syla en Paul gaan helpen."
"Jim, Umu en Sheila zijn al onderweg, misschien hebben zij Syla en Paul al geholpen."
"Maar Jim weet niet wat er gebeurd is."
"Zij zullen wel sporen vinden, die hun naar de Kordianen leiden. Ga jij nu maar slapen, dan ben je straks terug fit."; zegt Nita, terwijl zij Tjina op het bed drukt.
Even kijkt zij nog naar haar vriendin, dan bergt zij het verband terug op zijn plaats. Als zij de verbanddoos wil opnemen, trekt ze plots haar schouders op en denkt :
'Ik zal dit maar hier laten staan, Misschien hebben we het straks nog nodig. Even kijkt ze nog naar haar vriendin.
'Oef, gelukkig, zij slaapt al bijna.'; denkt ze.
Dan verlaat zij stil de kamer en begeeft zich naar de centrale. Ze bemerkt echter niet dat Tjina haar glimlachend nakijkt en zich dan omdraait. Onderweg haalt Nita even bordje met eten voor Neko.
"Heb je aarde kunnen bereiken, Jan?"; vraagt Nita, als zij de centrale bereikt.
"Nee, ik heb nog geen antwoordt ontvangen. Maar ik had even een vreemd gesprek met een ruimteschip, dat vermoedelijk voor ons van de aarde vertrok. Hun vluchtnummer is USA 7. Hier luister maar."
"Wacht even, Jan. Even onze kleine vriend eten geven."; zegt Nita en plaats het bordje voor Neko, die naast de radio zit.
Deze kijkt haar even met grote ogen aan.
'Dank je, Nita. Ik had iets lekkers gevonden, uit de gedachten van Jan kon ik opmaken, dat jullie dat een worteltje noemen.'; klinkt de stem van Neko in haar gedachten.
'Maar dat kan er ook nog wel bij.'; denkt hij dan en buigt zich over het bordje.
Nita kijkt lachend toe hoe de Sirk het eten met zijn pootje van het bordje opneemt en het dan voorzichtig opeet.
Ondertussen drukt Jan op een toets, waardoor het gesprek terug wordt afgedraaid.
"Zij zenden niet aan ons maar naar de UA 1. Wat zou dat zijn?"; zegt Nita vragend.
"Dat zijn wij. De ontvangst was nogal slecht. Bij hen zal dat niet veel beter geweest zijn. Vandaar dat zij niet UA 1 bedoelen, maar misschien wel USA 10."
"Dat moet het zijn, Jan. Zij hebben de S en de 0 niet goed ontvangen en hoorden dus alleen maar U.A 1."
"Probeer het nog eens, het zou kunnen dat je hen nu wel ontvangt. Misschien komen we dan te weten wat er met hen gebeurt is en waar zij zich nu bevinden."
Uren gaan voorbij, maar geen van beide krijgt nog contact met de USA 7.
Plots roept Nita uit
Jan, kijk een stip op het radarscherm. Er nadert een vliegend voorwerp."
Snel drukt Jan op enkele toetsen en even later verschijnt een vergroot beeld op het centrale beeldscherm.
"Het is de VQ-2."; merkt Nita op.
"Hier USA 10. Aan verkenner. Jim, hebben jullie Syla en Paul al gevonden."; zegt Jan in zijn microfoon.
"Navigatiecomputer VQ-2 aan USA 10. Er is geen bemanning aan boord. Mijn opdracht luidt: Terugkeren naar het moederschip. Kapitein Marak heeft een intacte VQ-1 gevonden en zal, na het opsporen van de vermisten, de VQ-1 verder gebruiken."
Terwijl de verkenner steeds meer nadert kijkt Nita even naar Jan.
"Alles Okee. Volgens de peilapparatuur is er niemand aan boord."; zegt deze.
"Dan klopt het relaas van de computer."
"Dat moet wel. Een computer kan toch niet liegen."
"Nee, dat niet, maar je mag niet vergeten dat hun programma veranderd kan worden."
"Ja, dat is ook weer waar."
"Jan, het openingsmechanisme van de toegangsdeuren is nu geactiveerd."; meldt Nita.
"USA 10 aan VQ-2. Land in hangar twee."; zegt Jan.
"Bevel begrepen."; is het antwoordt van de computer."
Intussen is Tjina terug wakker geworden. Ze maakt het verband om haar schouder los en kijkt even naar de wonde, die al zeer fel genezen is.
'Niet slecht dat genezend middel.'; denkt ze en verwijdert ook het verband om haar zijde.
Ook hier is de wonde bijna geheel genezen. Even tast ze met haar rechterhand naar de wonde, maar er is niet veel meer van te voelen. Dan denkt ze weer aan haar vrienden. Bezorgd begint zich snel aan te kleden. Een paar minuten later gaat zij de centrale binnen.
"Hebben jullie al nieuws van Jim."; vraagt ze.
"Tjina, al terug op de been."; zegt Jan.
"Ja, Jan."; zegt ze en kijkt vragend naar Nita.
"Nee, Tjina. Zij hebben nog niets van zich laten horen. Zij hebben wel hun verkenner teruggestuurd met het bericht dat zij de andere verkenner gevonden hebben. Maar van Paul en Syla lijkt er nog geen enkel spoor te zijn."
"Hun verkenner !! Ik moet gaan kijken. Kom, Nita, jij moet mij helpen met mijn kleding."; zegt Tjina.
"Ik heb je uitrusting al naar je kamer gebracht."
"Dank je, Nita. Jan probeer jij verder dat je de aarde met de hyperradio kunt bereiken."; zegt Tjina, terwijl zij met Nita de centrale verlaat.
Neko, die een deel van zijn bordje laat staan, rent hen snel achterna.
In haar kamer gordt Tjina dadelijk, met de hulp van Nita, haar wapenriem om. De rest nemen zij in de hand en gaan snel naar de jager.
Tjina drukt de knop van de intercom in en zegt :
"Jan, hou de USA 10 startklaar. Nita, Neko en ik gaan met deze jager uitzoeken waar de anderen zijn."
"In orde, maar is het niet beter dat ik ook meega."
"Nee, we moeten het schip startklaar houden en daarvoor is minstens een bemanningslid nodig."
Dan stappen ze, na Neko, die al naar binnen gesprongen is, in de kleine jager en Tjina drukt op een toets waardoor de cockpit automatisch gesloten wordt. Na een snelle controle van verschillende apparaten, neemt Nita contact op met Jan, in de centrale :
"Alles is in orde. We openen de hangardeuren."
"Okee. Veel geluk jullie."; zegt Jan.

 

Er zijn bezoekers online, waarvan leden: .