writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Het Verval (7)

door koyaanisqatsi

Ik strompel de nachtwinkel binnen en vraag lallend om sigaretten. De winkelier, een opvallend kleine man met een dikke zwarte snor en een diepbruine huid, vraagt me welke maar ik moet hem het antwoord schuldig blijven omdat ik geen voorkeur kan bedenken. Zijn onbewogenheid verraadt ervaring met dronkelappen. Zwijgend wacht hij op meer duidelijkheid en dus ik haal de schouders op en wijs ik na een korte aarzeling een willekeurig pakje op het schap achter hem aan.
Ik ben dan toch maar niet naar de rosse buurt getrokken, heb nadat de vrouw vertrokken was de uren gevuld met wezenloos naar buiten staren, het beantwoorden en versturen van een handvol e-mails en het voeren van een volstrekt zielloze conversatie met de concierge, die een kapotte lamp in het plafond kwam vervangen.
Even na vijven heb ik het bedrijf verlaten om meteen koers te zetten naar de kroeg. Niet de taveerne vlakbij, waar de collega's gaan zitten doorzeiken over het werk, maar het staminee een straat verderop dat gefrekwenteerd wordt door figuren zoals ik: mensen voor wie het nauwelijks wat uitmaakt of ze nu nuchter blijven of straalbezopen geraken.
De uitbaatster is een vrouw van halfweg dertig, een beetje bazig maar best vriendelijk, al behoudt ze heel bewust een veilige afstand tussen zichzelf en haar grotendeels mannelijke cliënteel. Ik heb me laten wijsmaken dat ze gescheiden is en een latrelatie onderhoudt met een eerste stuurman van een koopvaardijschip dat onder een goedkope vlag vaart, maar mijn instinct pepert me telkens weer in dat ze "beschikbaar" is.
Een nieuwe start met een café-uitbaatster? Ik zie het niet echt zitten. Hoewel ik meer uren in kroegen slijt dan goed voor me is, heb ik er in mijn binnenste een afkeer van. De geur van bier en sterke drank, het gewauwel van zuipschuiten, de stank van de urinoirs, nee, bedankt. Trouwens, de vrouw geeft geen enkel signaal dat op interesse voor mijn persoon kan wijzen.
Ik schraap een handvol muntstukken uit mijn broekzak en laat ze rinkelend op het glazen blad van de toonbank vallen. De man wacht niet tot ik zelf begin te tellen en haalt met een aalvlugge wijsvinger het juiste bedrag naar zich toe.
Ik ben alweer buiten wanneer ik bedenk dat ik geen aansteker en ook geen lucifers heb, maar ik heb geen zin om terug naar binnen te gaan en waggel verder in de hoop spoedig iemand tegen het lijf te lopen die me een vuurtje kan geven.
Op de hoek van de straat leunt een jonge knaap tegen een lantaarnpaal. Ik kan me natuurlijk vergissen, maar hij ziet er in alle geval uit als een dealer. Gladgekamde haren, dure merkkledij die je je op zijn leeftijd normaal gezien alleen maar kan permitteren als je van rijke komaf bent, beetje ondeugend tronie, een relaxte houding veinzend, maar in wezen alert voor het onverwachte.
'Vuurtje? Zeker, pap,' antwoordt hij, nadat ik hem een sigaret heb voorgehouden.
Hij gaat in de zak van zijn jas en reikt me in één vlotte beweging een brandende aansteker aan.
Ik knik dankbaar, steek mijn sigaret aan, vervolg mijn weg, bedenk dan plots dat de snaak net zo goed een jonge pooier kan zijn en maak rechtsomkeer.
'Heb jij een meisje voor me?'
Mijn hart begint ongemeen fel te bonzen. Ik voel een belachelijke trots opwellen omdat ik zo kordaat met de deur in huis ben gevallen. De jongeman antwoordt zonder enige emotie: 'Waarom heb je dat niet meteen gevraagd, pap? Wat zoek je?'
'Jong, fijn, ze mag zelfs aan de magere kant zijn...'
Mijn geheugen keert terug naar mijn laatste bezoek aan de videocabine in de sexshop. Ik wil de ouwe viezerik zijn die een tenger, bleek meisje met lange zwarte haren als een hagedis bekruipt. Het wansmakelijke contrast tussen de lelijkheid van de griezelige reptielenbewegingen van mijn uitgezakte lijf en de verleidelijkheid van haar frisse verschijning brengt een opwinding teweeg die je alleen als ouwe zak kan ervaren. Een opwinding die niet noodzakelijk in een fysiek hoogtepunt gesmoord moet worden; die misschien zelfs beter, als een wellustig geheim in je hoofd kan blijven sluimeren, als een souvenir dat te pas en te onpas kan bovengehaald worden om in stilte van te genieten.
'Je weet dat je daar voor in de bak kan draaien?'
Ik kijk de kerel onbegrijpend en ongewild brutaal diep in de ogen. Sinds wanneer ga je de gevangenis is om met een hoertje van bil te gaan? Zijn schofterige houding, die me eerder onverschillig liet, stoot me plots tegen de borst en doet me van hem weglopen. Maar hij pakt me bij de arm en zegt: 'Hoho... Zo'n vaart zal het niet lopen, pap. Daar zorg ik wel voor... Maak je maar geen zorgen.'
Mijn bezopen verstand heeft het eindelijk begrepen. Hij heeft mijn wens vertaald als het verlangen naar een minderjarig meisje. Maar zo diep wens ik, voorlopig althans, niet te vallen. Ik beschik nog over voldoende zelfdiscipline om niet met vuur te spelen, om niet toe te geven aan een daad die heel waarschijnlijk vroeg of laat toch deel zal worden van mijn perverse stuiptrekkingen. Nu reeds overgaan tot deze keuze getuigt van een nutteloosheid die te vergelijken valt met een bevlieging van zelfverminking bij een toekomstige zelfmoordenaar.
'Je hebt me niet begrepen,' mompel ik, terwijl ik mijn arm lusteloos probeer los te wringen, 'zo ver wil ik niet gaan.'
De jonge kerel lijkt ontgoocheld. Hij laat me los, klakt met zijn tong, kijkt heel even in het rond en zegt: 'Wacht. Ik ben zo terug.'
'Niet te lang,' brom ik, amper verstaanbaar, terwijl hij de straat oversteekt en een hoek om slaat.

 

feedback van andere lezers

  • Wee
    Ik móet gewoon verder lezen :)
    x
    koyaanisqatsi: Juridisch gezien is dit een 'onweerstaanbare drang', die geldt als verzachtende omstandigheid...
  • ivo
    triestig mooi beschreven ... hoe zelfs een dronkaard de realteit nog altijd vat en weet waar grenzen zijn ..

    koyaanisqatsi: tot nu toe...

    thnks
  • fenk
    Schitterend hoe je het onvermijdelijke beschrijft van het verval dat ons allemaal te wachten staat.
    koyaanisqatsi: oei... ik hoop toch niet in mijn hoofdpersonage zijn vaarwater te geraken...

    thnks
  • SabineLuypaert
    kerieus hoe dat afloopt (smile)
    koyaanisqatsi: ik ook
  • Hoeselaar
    Gek hoe dat de opgeduwde moraal ons parten speelt zelfs al is men straal bezopen
    koyaanisqatsi: zeg dat wel...
  • thijl
    Naargeestigheid walmt omhoog uit dit verhaal. De nette burgerpief die 's nachts zijn beschaafd masker afzet, of verliest.... Weer goed en treffend beschreven.

    Vrijblijvende tipjes:

    - zijn de volgende zinnen niet in tegenspraak met elkaar?

    'maar mijn instinct pepert me telkens weer in dat ze "beschikbaar" is. '
    maar dan:
    'Trouwens, de vrouw geeft geen enkel signaal dat op interesse voor mijn persoon kan wijzen.'

    -als een hagedis bekruip (-t in bekruip)
    -ga je de gevangenis in (is=in)
    koyaanisqatsi: met "beschikbaar" veronderstelt hij dat ze geen partner heeft...

    thnks
  • muis
    :)
    koyaanisqatsi: thnks
  • Vansion
    die kapotte lamp !!!!
    een aalvlugge wijsvinger :)))
    op dat "zo diep wens ik niet te gaan" moet er een betere variant te vinden zijn ... ai mijn pervers brein is al op zoek ... nochtans wens ik écht niet zover te gaan

    ik lees je bijna gulzig soms



    koyaanisqatsi: niet verslikken!!
Er zijn 3 bezoekers online, waarvan 0 leden: .