writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Het Verval (18)

door koyaanisqatsi

In zekere zin ben ik ontgoocheld. Ik zit in een helder verlicht vertrek, gevuld met kasten en tafels, en muren versierd met stratenplannen en kleine affiches met slogans die goed gedrag propageren. Het enige dat er nog aan ontbreekt is een koffiezetapparaat met bijhorende toren wegwerpbekertjes.
Dit valt onmogelijk een verhoorkamer te noemen, en daar had ik naar mijn mening, als debuterend arrestant, toch wel recht op.
Natuurlijk is mijn teleurstelling zwartgallig, word ik in werkelijkheid verteerd door angst en schaamte, en bereid ik me zo goed mogelijk voor op een voorsmaakje van de hel, wat dat ook mag inhouden.
Regelmatig klinken er stemmen en voetstappen in de gang maar de deur blijft gesloten. Mijn onbewaakte isolatie komt over als onbekwaamheid. Ik zit ruim twintig minuten alleen en heb dus al ruimschoots de tijd gehad om mezelf wat aan te doen. Was ik paranoïde, dan zou ik durven denken dat dat misschien van mij verlangd wordt, maar ik weet wel beter. Een zelfmoord op een politiebureau is geen goeie publiciteit, hoe zeer de daad op zich door de bevoegde instanties zou worden toegejuicht.
Ik probeer me voor de geest te halen welke vrouw me heeft aangegeven, welke vrouw de moed en de juiste burgerzin heeft gehad om de politie te bellen nadat ik haar mijn voorstel had gedaan. Haar valt in ieder geval niets te verwijten. Mijn arrestatie is grotendeels het gevolg van mijn roekeloosheid. Ik had geen plan, geen strategie bedacht om na iedere mislukte toenaderingpoging te verdwijnen. Overmoedig door mijn vlugge succes van de dag voordien was ik op de uitverkoren kandidates afgestapt met de onbezonnenheid van iemand die de weg kwam vragen. Zo'n manier van werken moest vroeg of laat slecht aflopen.

Ik probeer het verscheurende gevoel van de zich nog steeds voltrekkende catastrofe te verdrijven door herinneringen aan de dag voordien. Niet Mrecks houding maar de inhoud van de brief had een knagende vorm van paniek voorzaakt. Wat als de vrouw gelijk had? Wat indien ik haar inderdaad met ons avontuur, of hoe het ook mocht heten, om de oren had geslagen tot ze het niet meer kon aanhoren? Boorden zich hiaten in mijn geheugen, zoals houtwormen zich een weg door een vermolmd stuk hout banen? De brief op zich was misschien nog niet alarmerend, maar in combinatie met het feit dat ik naast de vrouw was wakker geworden zonder me ook maar iets van wat vooraf moest zijn gegaan te herinneren, werd hij dat wel. En hoe! De paniek zwelde aan tot een rusteloze verwarring die me niet langer in staat stelde op kantoor te blijven. Ik vluchte de straat op, dook de eerste de beste kroeg binnen en kieperde in een mum van tijd drie walgelijk smakende whisky's achterover. Toen tuimelden mijn gedachten terug naar Carla, wat onvermijdelijk gepaard ging met een onmogelijk in te tomen drang naar sexuele bevrediging. Ik betaalde, ging weer de straat op en liet me door mijn toenemende dronkenschap naar de rosse buurt leiden.

De deur gaat eindelijk open. Een tamelijk zwaarlijvige man met dun, sluik haar en een dikke, bruine snor komt binnen. In zijn rechter hand zitten een paar vellen papier geklemd, in zijn linker houdt hij een glas water.
'Theo Saterman.'
'Dat ben ik,' bevestig ik, overbodig.
De man gaat aan de andere kant van de tafel zitten, legt de papieren neer, werpt er een bestuderende blik op, wrijft met een duim en wijsvinger over zijn snor en nipt van zijn glas. Hij is duidelijk niet van plan zich voor te stellen maar zich als een anonieme tentakel van het politie-apparaat van zijn taak te kwijten. Door zijn ervaring draagt hij het besef dat ik aan zijn genade ben overgeleverd als een niet ter zake doende vanzelfsprekendheid voor zich uit. Zijn macht past bij zijn functie, precies zoals zijn insigne dat ergens in zijn broekzak moet zitten.
'Vertel me eens,' begint hij met een zucht, 'meneer Saterman, waar haalt iemand als u het zo ineens in zijn hoofd om zo'n apestreken te gaan uithalen? U, een vijftiger, hoogopgeleid kaderlid, een onbeschreven blad voor ons -Jezus, u hebt zelfs geen enkele verkeersovertreding op uw conto!-; zo iemand kan toch wel op een andere manier aan zijn trekken komen!'
Hoe kan ik deze man uitleggen dat hij overschot van gelijk heeft en terzelfdertijd de bal compleet misslaat terwijl ik geen plausibele verklaring in de plaats kan geven? Zijn lichtbruine ogen kijken me aan met een onbegrip dat niet past bij een politieman die ongetwijfeld al voldoende heeft gehoord, gezien en meegemaakt om te weten dat de realiteit ontelbare keren waanzinniger is dan de fictie.
'Ik weet het niet,' luid mijn armzalige antwoord, 'ik weet het echt niet.'
'Was het de eerste keer?' vraagt hij; hij leunt achteruit in zijn stoel waardoor zijn buik tot enorme proporties uitdeint.
Ik schud het hoofd, de vrouw van gisteren, de reden waarom ik vandaag zonder enige terughoudend op zoek ging naar een herhaling, verschijnt op mijn netvlies. Ze staat voor de etalage van de lingeriezaak en bekijkt aandachtig de aangeboden waren.
'Wat vind je mooi?' vraag ik haar, vanop een korte afstand, want ik wil niet dat ze de lucht van de whisky moet inademen.
Ze kijkt me even verrast aan en wijst dan, zonder de minste aarzeling, met haar kin naar een donkergeel setje van fijn kant.
'Ik koop het voor je,' zeg ik, zo overtuigend mogelijk, 'als ik me ergens mag aftrekken terwijl je me je borsten toont.'
Ik verwacht op zijn minst een razende blik maar word geconfronteerd met een 'Oke' die me als een mokerslag in het gezicht treft. In de verte, aan het einde van de straat, zie ik de neonlampen van het eerste raambordeel. Er is geen sprake van dat ik nog over voldoende kracht beschik om daarheen te vluchten en dus zoeken mijn ogen naar een café waar we ons in de toiletten kunnen verschuilen om onze decadente transactie af te sluiten.
'Geef me het geld en wacht hier,' zegt de vrouw.
Haar stemt klink zakelijk maar ook warm, waardoor ik voor de zoveelste keer aan Carla moet denken.

 

feedback van andere lezers

  • SabineLuypaert
    jee, die verschijn ning op uw netvlies hahaha, kan me voorstellen als ge dan eens straf gaat doen en ge krijgt zo een antwoord (roloogt) dat dat niet meteen is wat je verwacht hahaha, heerlijk
    surft nu terug naar 16&19 om de 19 te lezen kliklik
    koyaanisqatsi: en surfen maar... jiehaaa...
  • thijl
    Wat een wanhoop...
    koyaanisqatsi: ... in verval...
  • muis
    Wanhopig gedrag van die man ja, maar, als vrouw zijnde zou ik het geld toch ook aannemen hoor!
    koyaanisqatsi: thnks
  • fenk
    De zinnen klinken in dit stuk iets minder vlot, maar het kan ook aan mijn huidige kater liggen. Blijft boeien natuurlijk...
    koyaanisqatsi: oei... hoe zat dat ook alweer? een pint, een ei, tobasco, ketchup, roeren en opdrinken?
  • aquaangel
    som lees ik terug in volgorde ;))

    Adam kwam Eva tegen en zei "madam i`m adam"

    xx
    koyaanisqatsi: en Eva zei: ga kakken! (?)
Er zijn 3 bezoekers online, waarvan 0 leden: .